PERSBERICHT: GEEF DE SYRIËRS IN NEDERLAND EEN STEM

Foto: Maikel van Willigen

DEN HAAG/UTRECHT/AMSTERDAM, 11 JANUARI 2018 

Waarom praten politiek en media in Nederland zo vaak over in plaats van met vluchtelingen? In 6 maanden traint de nieuwe burgerrechtenorganisatie Kompass een diverse groep van 16 Syrische jongeren op het gebied van burgerrechten, leiderschap en lobby. Deelnemers komen elke 2 tot 3 weken bij elkaar: als geheel, in kleine groepjes of voor één-op-één-begeleiding. Ze worden getraind door topprofessionals van commerciële lobbykantoren, media, multinationals en universiteit en door politici van een veelheid aan politieke partijen. Doel is om deze Syriërs in staat stellen zelf een plaats aan de tafel in te nemen wanneer er wordt gesproken over zaken die hen aangaan in Nederland zoals scholing, integratie, vluchtelingenverdragen, discriminatie en het perspectief op een baan. Volgens minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid moet het proces van inburgering in Nederland “op de schop”. Er is dus genoeg om over mee te praten de komende tijd. De officiële opening van het programma is op 12 januari van 9.00 tot 10.30 op de Universiteit Utrecht.

"Nothing About Us Without Us"

Vluchtelingen beheersen al enige tijd het Nederlands nieuws. Wie we echter vrijwel nooit horen in het debat over scholing, huisvesting, integratie, vluchtelingenverdragen, discriminatie en het perspectief op een baan zijn de Syriërs zelf. Er wordt over de vluchtelingen gesproken in plaats van met. Hun ervaring en expertise blijven structureel onbenut.

De nieuwe Syrische gemeenschap in Nederland is bijzonder divers; er spelen scheidslijnen die  tot ver in de geschiedenis teruggaan en de contacten tussen de diverse groepen onderling in Nederland zijn gering. Jongeren groeien hier op zonder de etnische, politieke of religieuze conflicten te overbruggen, of soms zelfs maar met andere groepen Syrische landgenoten te praten. 

Bij de Syrische diaspora in Nederland is de werkeloosheid onder hoogopgeleide nieuwkomers erg opvallend. Syriërs zijn soms opgeleid als architect of journalist, maar zijn de taal nog niet machtig. Ze zijn enorm gemotiveerd, maar komen niet aan de bak of doen heel ander werk dan waarvoor ze zijn opgeleid. Ook is de Nederlandse wet- en regelgeving nodeloos ingewikkeld. Het proces van inburgering wordt door velen als weinig nuttig ervaren. Tegelijkertijd willen de Syriërs graag iets doen voor Nederland en zich inzetten voor een (nog) beter land.

Aan het einde van dit talentenprogramma zijn 16 Syrische nieuwkomers individueel in staat om effectief mee te praten met en aan de bel te trekken bij de lokale en landelijke politiek. Ze vormen een brug tussen verschillende Syrische groepen in Nederland en hebben de kwaliteiten en de contacten om daadwerkelijk verandering te maken in Nederland op onderwerpen die ze zelf  als maatschappelijk betrokken burgers aangaan. Ze kunnen zelf de verbinding aangaan met de Nederlandse maatschappij, juist nu dat zo ontzettend nodig is en de verkiezingstijd verschillen zal uitmeten.  

Deelnemers

Burgerrechtenorganisatie Kompass selecteerde uit bijna 60 aanmeldingen een groep van 16 gemotiveerde en getalenteerde jonge vluchtelingen (t/m 35 jaar). De Syriërs zijn in de afgelopen jaren als vluchteling naar Nederland gekomen; de meesten in de afgelopen twee of drie jaar, maar sommigen ook al wat langere tijd geleden.

Directeur René Rouwette van Kompass stelt:  “De groep is bijzonder divers. De groep is veelzijdig in etnische en religieus aspect, seksuele oriëntatie, geslacht en geboorteplaats. Deelnemers komen bovendien uit verschillende delen van Nederland: van Groningen tot Maastricht en zijn veelal ook daar maatschappelijk actief. Ze spreken zelf liever van nieuwkomers dan vluchtelingen.”

Initiatiefnemers

Initiatiefnemer van het project is burgerrechtenorganisatie Kompass. Deze organisatie geeft burgers een stem die nu niet gehoord worden. Ze streeft ernaar dat gewone mensen net zoveel invloed kunnen uitoefenen op nieuwe wetten en beleid als grote bedrijven. Syrische vluchtelingen zijn daarom slechts één categorie van mensen waar Kompass zich hard voor maakt. Naast Rouwette, is onder meer Ali Aljasem, zelf in 2015 gevlucht uit Syrië, werkzaam op dit project.

Partners bij het project zijn de Universiteit Utrecht, Artsen Zonder Grenzen Nederland en Hivos. Alle professionele trainers werken mee in een individuele capaciteit. Dat doen ze pro bono. Alle lunches worden gesponsord door restaurants en lunchrooms in Utrecht en Amsterdam.

------

N.B. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met René Rouwette, directeur van burgerrechtenorganisatie Kompass via rene@kompass.ngo of +31 6 429 21547. De deelnemers zijn vanaf eind april bereikbaar voor interviews.

 

Foto: Maikel van Willigen

.